Financiële afsluiting

Financieel sluiten we het jaar 2021 af met een overschot van € 2.753.274.

Hieronder wordt in het kort aangegeven wat de kenmerkende verschillen zijn ten opzichte van de laatste rapportage, dat is de Najaarsnota 2021. Het betreft dan bedragen boven de € 50.000 met omschrijving en een korte toelichting. Het gaat dus uitdrukkelijk niet om alle verschillen per programma. Deze toelichting staat in het tweede gedeelte van dit boekwerk bij de jaarrekening. 

De bedoeling hier is om in één oogopslag te zien wat de belangrijkste verschillen zijn ten opzichte van de Najaarsnota 2021. 

Rekeningsaldo
Stand Najaarsnota 2021 (overschot) 1.750.193
Verschillen jaarrekening
Programma 1 Groot onderhoud wegen 83.000 voordeel
Programma 1 Bouwleges 97.000 voordeel
Programma 2 Voorziening pensioen en wachtgeld wethouders 269.000 voordeel
Programma 2 Wmo voorzieningen 147.000 voordeel
Programma 2 Stadsbank Oost Nederland 375.000 nadeel
Programma 2 Wmo Huishoudelijke Hulp 120.000 nadeel
Programma 2 Jeugdzorg 563.000 nadeel
Programma 2 ICT Samenwerking 69.000 voordeel
Programma 3 Algemene uitkering 326.000 voordeel
Programma 3 Coronabudget 498.000 voordeel
Programma 3 Overige mutaties 572.081 voordeel
1.003.081
Resultaat jaarrekening 2021 (overschot) 2.753.274

Toelichting op deze posten

Programma 1 Ruimte
Groot onderhoud wegen
Bij het groot onderhoud wegen is een voordeel geweest op het asfaltbestek. Een aantal werkzaamheden, zoals het project aan de Hofstraat, is doorgeschoven naar 2022. In 2021 geeft dit een voordeel van 
€ 83.000. 

Bouwleges
Hogere opbrengst bouwleges in verband met grote eenmalige projecten van € 97.000. 

Programma 2 Sociaal domein
Voorziening pensioen en wachtgeld wethouders 
Door een gunstige ontwikkeling van de rekenrente en de sterftetabellen en beperkte mutaties bij de wachtgelden is bij hier per saldo sprake van een vrijval van € 123.000 in plaats van de geraamde toevoeging van 
€ 146.000, voordeel € 269.000.

Wmo voorzieningen
Per saldo is ten opzichte van de begroting € 147.000 minder uitgegeven in 2021. Dat komt onder andere doordat niet alle verwachte grote woningaanpassingen in 2021 zijn uitgevoerd. Het onderhoud van hulpmiddelen en rolstoelen in eigen beheer stimuleert het hergebruik van hulpmiddelen. Daarnaast zorgt een andere manier van indiceren en maatregelen uit het transformatieplan dat er minder hulpmiddelen zijn verstrekt. Dit jaar zijn weinig nieuwe complexe rolstoelen verstrekt. De uitgaven hiervoor verschillen sterk, doordat de inkoopprijs van een complexe rolstoel hoog is en het aantal verstrekte rolstoelen per jaar verschilt. 

Stadsbank Oost Nederland
Vanwege de uittreding uit de gemeenschappelijke regeling Stadsbank Oost Nederland is de afgesproken afkoopsom ter hoogte van € 375.000 reeds als verplichting opgenomen. Deze afkoopsom is begin 2022 overeengekomen. 

Wmo Huishoudelijke Hulp 
De facturen voor huishoudelijke hulp komen ongeveer € 120.000 hoger uit dan begroot. De aanzuigende werking heeft ook in 2021 invloed gehad op het aantal aanvragen en de verdere vergrijzing zet door. 

Jeugdzorg
De gemaakte kosten voor jeugdzorg vertonen op het eind van het jaar een overschrijding van 
€ 563.000. Wordt ingezoomd dan verklaren de overschrijdingen bij jeugdhulp met verblijfskosten € 184.000, jeugd GGZ € 201.000, crisiszorg € 74.000 (meer kinderen uit huis geplaatst), dagbehandeling € 30.000 en de geëscaleerde zorg met € 74.000 dit tekort. De toelichting staat verder te lezen bij programma 2 in de jaarrekening.

Programma 3 Bedrijfsvoering 
ICT samenwerking
De kosten op het gebied van ICT zijn in 2021 lager uitgevallen dan was begroot. Doordat we meer wisseling hadden van (tijdelijke) medewerkers zijn onder meer de licentiekosten van Microsoft gestegen. Dit heeft echter een minder negatief effect gehad dan vooraf ingeschat. Per saldo levert dit een voordeel op van 
€ 69.000.

Algemene uitkering
De raming voor de algemene uitkering is aangepast met de effecten uit de circulaires tot en met september 2021. Ook zijn de aantallen van de verschillende rekenmaatstaven van de algemene uitkering aangepast aan de op dat moment laatst bekende specificatie van het Rijk. 
Uiteindelijk is over 2021 € 326.000 meer ontvangen (dit is exclusief het zesde coronasteunpakket van 
€ 293.000). De oorzaken liggen in een voordelige afrekening over 2019 van € 46.000 en extra middelen voor versterking van de dienstverlening als gevolg van de toeslagenaffaire ad € 133.000. Daarnaast zijn er diverse mutaties voor een totaalbedrag van € 147.000 die we hier onder één noemer rangschikken. Te denken valt onder andere aan mantelzorgbeleid, cruciale jeugdzorg en bommenregeling.

Coronabudget
In de jaarrekening 2021 is een overschot van € 498.000 op de coronabudgetten, deze komt door middel van de winstbestemming in 2022 weer beschikbaar voor corona gerelateerde lasten.  

Overige mutaties
Er zijn meerdere kleinere mutaties die in de afzonderlijke programma’s verder worden verklaard, dit zijn onder andere de hieronder vermelde voordelen:
Programma 1    
Bouwgrondexploitaties      € 38.000;
Toeristenbelasting                 € 23.000;
Duurzaamheid                          € 30.000;
Programma 2
Leerlingenvervoer                  € 32.000;
Sportakkoord                            € 40.000;
VIT mantelzorg                        € 43.000;
Armoedebeleid                        € 47.000;
Programma 3    
Paspoorten/ID bewijzen    € 33.000;
Verkopen grond                       € 44.000.

 

Leeswijzer

Het boekwerk jaarstukken bestaat naast de inleiding uit twee delen: een programmaverantwoording (beleid) en een jaarrekening (financieel).
In de programmaverantwoording (vanaf bladzijde 15) wordt met de bekende stoplichten uitgelegd wat we gedaan hebben met de door de raad vastgestelde begroting. Wat hebben we bereikt en wat heeft het gekost. Verder zijn in het beleidsgedeelte de verplichte paragrafen opgenomen. 

Het tweede deel (vanaf bladzijde 78) bevat de daadwerkelijke jaarrekening met de balans en het overzicht van baten en lasten en de bijlagen. In dit financieel technische gedeelte zijn ook de toelichtingen op de 
cijfers opgenomen. Meestal gaat het dan om een analyse en verklaring van de grotere verschillen. Per programma is een cijferopstelling per onderdeel opgenomen. Daarna wordt een toelichting gegeven ten opzichte van de gewijzigde begroting. In de financiële overzichten worden baten als negatief bedrag weergegeven, de lasten als een positief bedrag. 

De accountant geeft een verklaring over het tweede gedeelte, de jaarrekening. Verder wordt alleen gekeken of er geen tegenstrijdigheden in het boekwerk staan.